Inhoudsopgave
De belangrijkste mensen in Berlijn
Klik hier.
Oude foto's van Berlijn
Klik hier
Constantinopel
Toen Lydia daar was, heette Istanbul nog Constantinopel. Het was de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk (1299–1922) en werd overspoeld door Witte Russische vluchtelingen.
Klik hier voor meer informatie over de Witrussen in Constantinopel.
Lydia met Dashka
Charlottenburg
Overal om hen heen werd Russisch gesproken – in de winkels, bij de krantenkiosk, en op straat, wanneer de honden werden uitgelaten. Niemand was van plan te blijven; ze geloofden allemaal dat ze zouden terugkeren zodra het communisme viel. Voorlopig was er echter één ding dat telde: ze hadden het overleefd. Dat was het belangrijkste. Charlottenburg werd al 'Charlottengrad' genoemd. Soms, als Lydia de Duitse precisie – de strakke hekken, de keurige rijen kantoren, en de liefde voor cijfers – vergat, kon ze zich bijna voorstellen dat dit Rusland was. Bijna ...
Hoofdstuk 17
In 1922/23 woonden er zo’n 600.000 Russische vluchtelingen in Duitsland, van wie meer dan de helft in de hoofdstad Berlijn. Ilja Ehrenburg noemde Berlijn ooit ‘de stiefmoeder van de Russische steden’. Voor de meeste Russen was Duitsland slechts een tussenstop op weg verder naar het westen – naar Parijs, Londen of New York. Vijf jaar later, in 1927, verbleven er nog maar 150.000 Russen in Duitsland. Volgens Mediendienst Integration, was dit grotendeels het gevolg van een restrictief integratiebeleid en een gebrek aan juridische en economische steun voor de vluchtelingen. Tegen het einde van de jaren twintig waren de meeste Russen vertrokken; ze werden verdreven door de inflatie en de verslechterende politieke situatie.
Een gorodok – een klein stadje – is in wezen wat de emigrantengemeenschap was geworden: een kleine stad binnen de grenzen van Parijs [hetzelfde gold voor Berlijn] die weigerde op te gaan in het gastland. Ze probeerde de waarden en tradities van de Russische cultuur te behouden in de hoop ooit terug te keren, en bleef dat doen, zelfs toen die hoop al lang vervlogen was.
Teffi, Gorodok
Aleksi “Sasha” Gegechkori
Het landhuis van de Bozarjants was eveneens door leden van de partijelite in beslag genomen. De stress van deze situatie werd Mikhail te veel, hij overleed kort daarna. Nikogos en Madame Bozarjants, samen met Lydia’s kat Grishka, werden naar een kleine kamer verbannen, aan het einde van de gang op de derde verdieping van hun eigen huis. Ondanks zijn opleiding kon Nikogos alleen nog werk vinden als taxichauffeur. Hun prachtige meubels - de vleugel, het ingelegde scherm, en de wapens uit de Perzische Kamer – waren toegeëigend door de bolsjewiek Sasha Gegechkori, die nu het landhuis bewoonde. Elke donderdag, wanneer hij gasten ontving om lotto te spelen, was Madame Bozarjants erbij. Het was haar enige kans om nog op de meubels te zitten die ooit van haar familie waren geweest …
Hoofdstuk 17
Aleksi Gegechkori (23 november 1887 – 7 juni 1928) was een Georgische bolsjewistische activist die betrokken was bij de sovjetisering van Georgië in 1921.
Zijn naam staat nog altijd gegraveerd op een plaquette naast de deur van het voormalige huis van de familie Bozarjants.
Bronnen:
“Madame Bozarjants” is a mansion in Tbilisi shrouded in mystery. , or see the original in Russisch, or in Dutch.“Madame Bozarjants” is een herenhuis in Tbilisi, gehuld in geheimen.
https://ok.ru/tiflisiarm/topic/65539536964449
Alexander Meliks-Azaryants
Het huis van Aleksandr Meliks-Azaryants werd was tevens genationaliseerd. De altijd zo vriendelijke en genereuze man kreeg een klein kamertje toegewezen, onder de trap bij de ingang van zijn eigen huis, waar hij al gauw in complete vergetelheid en armoede stierf.
Hoofdstuk 17
Alexander Melik-Azaryants stond bekend om zijn vrijgevigheid. Hij was lid van het bestuur van een liefdadigheidsorganisatie en spaarde geen geld of moeite voor de bouw van ziekenhuizen, scholen en kerken.
Toch werd hem alles ontnomen. Hij stierf in armoede en werd begraven met geld dat zijn vrienden hadden ingezameld.
Bron:
The sad fate of the famous millionaire in Transcaucasia, oil industrialist, philanthropist, honorary citizen of Tiflis, nobleman Alexander Agafonovich Melik-Azaryants (1847-1923). – https://www.facebook.com/groups/armenian.meliks.and.beks/posts/871563467893120/
Maître d’hôtel
Een maître d’hôtel (Frans voor “meester van het huis”) leidt het gedeelte van het restaurant dat in direct contact staat met de gasten – de bediening, ontvangst en tafelschikking. Zijn taken omvatten doorgaans het aansturen van het personeel in de zaal, het verwelkomen van gasten en het toewijzen van tafels, het aannemen van reserveringen en het zorgen dat iedereen tevreden vertrekt.
Vladimir in Casablanca
Dit is een foto van mijn broer Volodja [Vladimir]. Zie je, de import-export
handelde ook in Marokko. Volodja [Vladimir] ging als vertegenwoordiger naar Casablanca. Mijn andere broer Mitja [Dmitri] ging in België, in Luik, werktuigbouwkunde studeren, dankzij onze generaal Wrangel. Als kind speelde hij al met Meccano.Interview met Lydia Kamendrovsky, 1982
Ansichtkaart van Vladimir uit Marokko

6-7-1925
Lieve Lyda (Lydia), Ik heb nog geen nieuws van je. Hoe gaat het met je vrienden? Wat is er nieuw? Ben je naar artistieke avonden geweest? Ik ga er regelmatig heen. G.A. [?] kwam ook, maar omdat hij weigerde te dansen en de mensen daar nauwelijks Russisch verstaan, is hij opgehouden met komen! Nu vertrekken veel mensen uit Marokko voor de zomer en gaan naar Frankrijk. Wat is er thuis nieuw? Hoe voelt Shura [Alexandra] zich nu? Zet nu een tafeltje neer, pak een goede pen die je handschrift niet bederft, en schrijf me iets. Dag, kus, Vladi.
Dank aan Andrey Lang voor het vertalen!